Categorie: "z Taalkwestie"

‘C.q.’ is slechts een smurfwoord

Het lijkt wel of ‘c.q.’ de twee meest
multifunctionele lettertjes van het Nederlands zijn. Je ziet het in
plaats van ‘of’, ‘en’, ‘dan wel’ en nog veel meer. Soms lees je ‘X
c.q. Y’ . Dan bedoelen ze ‘X, maar als dat niet lukt, doe dan Y’.
Concreet: Met ‘Raadpleeg de beheerder c.q. ander personeel’ bedoelen
ze ‘Raadpleeg de beheerder, tenzij hij er niet is. Raadpleeg dan
ander personeel’.

Niet te veel apostrofjes

Veel taalgebruikers hebben moeite met
de meervoud-s. Want: Wanneer pas je een apostrof (‘) toe en wanneer
niet? Heel vaak zie je mensen stage’s
of
groente’s schrijven.
Dat moeten stages en groentes zijn (of groenten). Maar je moet wel
massa’s nota’s
schrijven. Ik leerde al op de
basisschool waarom.
Massas spreek
je anders uit dan
massa’s. Bij
stages is er geen
sprake van uitspraakverwarring.

Schrijf het zoals je wilt…

Ik blijf nog even in Rusland. Hoe schrijf je Russische namen in het Nederlands? De een schrijft Trotski, de ander schrijft Trotsky. De ene is dol op de componisten Shostakovich en Rachmaninov, terwijl zijn buurman liever luistert naar Sjostakovitsj en Rachmaninoff. Wie heeft gelijk?

Googelen hoe je googelen schrijft

Hoe vervoeg je ‘googlen’? Of is het
googelen? Het woord is betrekkelijk nieuw in onze taal en betekent
‘(iets of iemand) op internet opzoeken met de zoekfunctie Google’.
Strik genomen zou je het google-en moeten schrijven. Dat heb ik
echter nog nooit iemand zien doen. Ik google, jij googlet.

Bezuiden de patatgrens

Bij ons in de klas zat een jongen, die
oorspronkelijk niet uit de regio kwam. Hij praatte een beetje vreemd,
met net zo’n harde g als kinderen op de televisie. Toen hij op een
maandagochtend vertelde over zijn belevenissen in het weekend, zei
hij dat hij ‘s zondags patat gegeten had. Wat had hij gegeten?
Niemand in de klas begreep hem. Kinderen in Brabant noemen dat nou
eenmaal ‘frietjes’.

On is netter dan klote

Als het bliksemt en dondert, noemen we
dat onweer. Geen weer, dus. Dat is vreemd, want onweer is meer weer
dan wat voor weer dan ook. Zeker als het ook nog eens flink waait en
regent. Onwelgevallige planten heten onkruid. Maar vaak zijn ze wel
degelijk kruid. En veel mensen vinden ratten ondieren. Maar het zijn
wel degelijk dieren.

Onmenselijk is niet menselijk, maar een
onmens is toch een mens. Weliswaar een vervelend iemand, maar toch
behorend tot de species homo sapiens.

Eenaprilgrap

Jaja, ik ben erin getrapt. Het Blauwe Boekje bestaat niet. 1 april! Hij was leuk. Nu kom ik echter voor een nieuw probleem te staan. Hoe schrijf je ‘eenaprilgrap’?

Emancipatie in de taal

Emancipatie dringt ook in onze taal door. Hoewel…

Staatssecretaris Ross?
Of staatssecretaresse Ross?

Vrouwelijke vormen voor functienamen verdwijnen langzaam uit onze taal, zo lijkt het.
Vroeger had je een directeur en een directrice. Maar de laatste jaren
heten ook vrouwelijke bovenbazen gewoon directeur. Hetzelfde geldt
voor de rectrix. Die heet ook steeds vaker rector, net zoals haar
mannelijke collega. En een vrouwelijke minister? Daar is nooit een
woord voor geweest. Ik heb trouwens ook nog nooit van een
‘hooglerares’ of een ‘doktster’ gehoord.